spacer.png, 0 kB
Home arrow Blog arrow Geen plaats (door ds. G.J. de Bruin)
Geen plaats (door ds. G.J. de Bruin) PDF Afdrukken E-mail


Kerst 2011.
De samenvatting van het gesprek dat ds. G.J. de Bruin met de kinderen uit groep 7 en 8 had, vlak voor kerst, door hem verteld aan de aanwezige kinderen op kerstmorgen.

GEEN PLAATS

Weet je dat we met zeven miljard mensen op deze aarde leven? Onvoorstelbaar veel. Wat denk je dat het bekendste verhaal onder al die mensen is? Dat vroeg ik vorige week aan sommigen van jullie. We kwamen tot de ontdekking dat het verhaal van de geboorte van Jezus zeer waarschijnlijk op de eerste plaats komt.
We hebben het verhaal heel nauwkeurig met elkaar gelezen. Aangekomen bij de zin 'omdat voor hen, voor Maria en Jozef geen plaats was in de stad’ vroeg ik hoe dat zat. Waarom was er eigenlijk geen plaats?

'Het was natuurlijk enorm vol in Betlehem', zei iemand, Maria en Jozef waren echt niet de enigen die daar naartoe moesten. Iemand anders vond dat het dringend nodig om plaats te maken voor een zwangere vrouw, het kindje zou tenslotte bijna geboren worden, maar een derde dacht aan de heisa die de geboorte in het onderkomen zou geven. De andere gasten wilden vast geen last hebben van een huilende baby.
Had Jozef dan vergeten af te spreken, vroeg iemand zich af.
Een ander die even stil was geweest, dacht vooral aan de portemonnaie van Jozef. Jozef was niet rijk, hij kon vast geen kamer in een hotel betalen. Andere kinderen vonden dit een goede verklaring, maar er was een meisje dat een zandstorm uit de hoge hoed toverde. Daarom was het in Betlehem een drukte van belang, vanwege die zandstorm. Ik kon me niet onmiddellijk een zandstorm in het evangelie herinneren maar lag dat nu aan haar fantasie of veeleer aan mijn geheugen? Ik werd uit mijn getob gehaald door een jongen die meende dat Maria en Jozef misschien als zwervers werden aangezien. Voor zwervers open je niet zomaar de deur. Werden ze niet naar een kelder verwezen opperde een ander. Nou ja, in ieder geval mochten ze binnen de poorten van Betlehem blijven sprak iemand geruststellend en dat betekende toch een zekere veiligheid.
Zo zaten we met elkaar te praten over ‘geen plaats in het nachtverblijf’, geen plaats in de herberg zeiden we vroeger. Opmerkelijk vond ik het, hoeveel nieuwe dingen ons gesprek opleverde.

Toen vertelde ik dat er toch iets vreemds aan de hand is met het kerstfeest. Het lijkt zo mooi als je deze dagen de versierde etalages ziet en de vrolijke muziek hoort in de winkels. Maar het kerstverhaal van Lucas is eigenlijk helemaal niet zo zoet: voor het kind dat geboren wordt, is geen plaats. Stel je voor dat het je eigen geboorteverhaal was... Later komt Lucas, die het verhaal heeft opgeschreven, er nog eens op terug: De vossen hebben holen en de vogels hebben nesten maar Jezus heeft geen plaats om z'n hoofd neer te leggen.

Je wilt toch net als die vossen en vogels een plek hebben waar je je veilig en geborgen voelt? Misschien bouw je in de zomer graag een hut. Dat is dan jouw eigen nest. Of je verbouwt je eigen kamer met lakens en slaapzakken tot een veilig hol. Ik hoef je niet te vertellen dat iedereen naar een plekje onder de zon verlangt waar het goed is. Maar over Jezus wordt al bij zijn geboorte gezegd dat er voor hem geen plaats was. Stom hè, dat er voor hem geen plaats is?
 
Je kunt kerst een heel mooi feest vinden, daar is niet op tegen, als je maar niet vergeet dat die twee woorden ook in Jezus’ geboorteverhaal staan: ‘geen plaats’.

 
spacer.png, 0 kB