|
Herman (door ds. G.J. de Bruin) |
|
|
|
Herman
Hebben jullie wel eens van Herman van Veen gehoord? Misschien heb je hem wel eens op de televisie gezien. Hij is iemand die overal in theaters optreedt, hij vertelt verhalen, draagt gedichten voor, speelt prachtig viool en zingt liedjes. Dat zingen niet in de laatste plaats. Herman houdt er heel erg van om te zingen.
Toen hij tien jaar was, kon hij zingen 'als een meisje'. Zo noemde hij dat, hij bedoelde dat hij heel hoog kon zingen! Na een soort musicalvoorstelling waarbij hij samen met andere kinderen gezongen had, kwam er een meneer, een pater naar hem toe en die vroeg aan Herman of hij ook in een kerk wilde komen zingen. Herman wilde wel, maar wist dat hij dat als tienjarig ventje thuis moest gaan vragen. De moeder en vader van Herman waren niet katholiek, ook niet protestant, ze waren om het eens gek te zeggen niks! De moeder vond het zingen van Herman in de kerk maar niks, maar niet niks genoeg om het hem te verbieden. 'Als jij daar wilt gaan zingen, vooruit dan maar…' Herman blij, hij zong de sterren van de hemel, de beelden in de kerk begonnen haast te wenen van ontroering. Na enkele keren vroeg de pater of Herman katholiek was. Uit angst weggestuurd te zullen worden, zei Herman dat hij heel katholiek was en om de pater nog meer te overtuigen voegde hij er aan toe: u moet weten, mijn opa was priester! Na afloop van de kerkdienst kreeg Herman als bedankje een stempel van een vis op z'n hand. Die vis is de handtekening van Jezus, zei de pater tegen Herman.
Thuisgekomen liet hij de vis op z'n hand aan zijn moeder zien. Kijk eens mama, ik ben nu katholiek. Z'n moeder trok haar wenkbrauwen op, alsof ze het nog niet helemaal geloofde. Inmiddels begon het buiten heel donker te worden, het zag eruit of het elk moment zou gaan regenen. 'Herman, wil je me even helpen bij het binnenhalen van de was.' Halverwege de waslijn gekomen, begon het inderdaad te plenzen. Met een volle wasmand terug in de keuken zag Herman dat zijn Jezusstempel met de vis door het regenwater was uitgewist. Wat vond hij dat jammer. 'Mama, moet je eens kijken naar mijn hand.' 'Herman, het is goed zo, zei zijn moeder. Vissen horen in het water!'
|