spacer.png, 0 kB
Home arrow Kerkdiensten arrow Preken arrow Jesaja 7: 10-14 (door ds. P. de Bres)
Jesaja 7: 10-14 (door ds. P. de Bres) PDF Afdrukken E-mail


Overweging uit de dienst van 6 december 2009 (door ds. P. de Bres)

Lezen: Jesaja 7: 10 t/m 14 en Lucas 26 t/m 38


Gemeente,

Wat een prachtig verhaal; telkens weer ontroert het mij. Maar tegelijk is het ook een lastig verhaal. Niet alleen omdat het ons meeneemt naar een wereld, die niet meer die van ons is, maar omdat ons iets verteld wordt, dat wij ook na 2000 jaar nog steeds niet echt begrijpen. Ondanks dat, blijft het een ontroerend verhaal.

Eerst de wereld die wij binnentreden en die anders is dan de onze. Je proeft het al als Maria Meisje genoemd wordt, dat al uitgehuwelijkt is. In de wereld van de Bijbel was een meisje huwbaar als zij vruchtbaar was, na haar 1e menstruatie dus.
Vaak hadden haar ouders al jaren daarvoor een contract gesloten met ouders met een huwbare zoon. We horen ook dat zij nog maagd is.
In onze promiscue tijd speelt dat geen rol meer, maar vroeger, en voor ons eigen land geldt dat tot de jaren 60, was dat van groot belang.
Bleek een bruid geen maagd meer te zijn, dan was dat niet alleen reden het huwelijk te ontbinden, maar betekende het ook schande voor de bruid en haar familie.
In de verhalen van hier wonende Turken en Marokkanen proeven we soms nog iets van die wereld. Heel simpel betekende dat – al zegt Lucas het niet – dat de boodschap van de engel Maria behoorlijk in problemen bracht. Maar hoe rijm je dat dan met zijn boodschap: Maria, je bent begenadigd, God heeft je zijn gunst geschonken? Voor ons betekent “gunst”: er beter van worden.
Als je baas je gunstig gezind is, dan is de kans groot dat jij promotie maakt
en niet je collega, die even goed is als jij. Begunstigd door God betekent niet
dat je nu opeens ook favoriet bij de mensen bent.
Kijk naar de profeten, of beter: kijk naar Jezus zelf. Als wij het einde van zijn leven zien: zijn kruis, waar moeder Maria getuige is van zijn marteldood, dan is de conclusie dat zij geen makkelijk leven heeft gehad. De RK kerk praat niet voor niets over de 7 vreugdes en de 7 smarten van Maria.
Genade bij God hebben betekent zoveel als: de Heer heeft je uitgekozen om in zijn dienst te staan, om mee te werken zijn bedoeling waar te maken.
Dit verhaal lezend, heb ik vaak gedacht: arm kind.

Als 2e noemde ik dat wij dit ontroerende verhaal nooit helemaal in onze vingers krijgen, nooit helemaal begrijpen, in woorden kunnen vangen.
God stuurt zijn bode Gabriel naar het meisje Maria, dat hij groet met:  jij bent begenadigd, de Heer is met je. Maria schrikt; ook Zacharias schrok toen hij de engel zag. Maar Maria schrikt niet van de engel, ze schrikt vanwege de grote woorden die tot haar gezegd worden.
Maar Gabriel stelt haar gerust: je hoeft niet bang te zijn, want God schenkt je zijn gunst. Je zult zwanger worden en een zoon baren, die je Jezus moet noemen.
Jezus, de OT-ische naam Jozua, betekent: God redt. Komt het verhaal van Jozua, de bevrijder, niet in je gedachten. Jozua die het volk het beloofde land binnenvoerde?
Zo zal dit kind zijn, een bevrijder, ja, hij zal zelfs op de troon van David zitten.
Een bevrijder, een koning, ja, Zoon van de Allerhoogste. Ik sla Ps. 2 op, waar tegen David, de koning, gezegd wordt:  Jij bent mijn zoon, Ik heb je heden verwekt.
Dat alles begrijpen wij: dit kind, een bevrijder, een koning, als David, in de gunst van God. Dat alles zal Maria ook begrepen hebben, maar…maar toch.
Hoe zal dat gebeuren, vraagt ze. Ik heb immers geen gemeenschap met een man.
Ook wij zijn benieuwd, ja, hoe moet dat dan? De Heilige Geest zal over je komen
en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken.
Daarom zal het kind dat geboren wordt heilig genoemd worden en Zoon van God.
De woorden die de boodschapper spreekt groeien, ze worden groter en dieper, belangrijker, tot op de grens dat ik niet meer weet of ik ze nog wel begrijp.
Luisteren naar de Schrift, dat is het enige dat we kunnen doen. De Heilige Geest zal over je komen. Al in het OT horen wij over de Geest van God, die vaardig over mensen wordt. Als Saul tot koning is gezalfd, grijpt de Geest van God hem aan.
En waar Gods Geest mensen aangrijpt, gebeurt altijd iets nieuws. Dan zien we Gods bedoeling oplichten, wordt iets van het Koninkrijk van God gerealiseerd.
De kracht van de Allerhoogste zal je overschaduwen. Alleen een wolk die voor de zon schuift overschaduwt je. Zo wordt God vaak getekend. Als Mozes op de berg met God spreekt, spreekt God tot hem vanuit een wolk.
Als Jezus ten hemel vaart, onttrekt een wolk Hem aan het zicht. Mozes en wij kunnen niet verder dan de wolk kijken. De werkelijkheid van God onttrekt zich aan ons begrijpen. Er wordt veel over God gezegd, de Bijbel vertelt talloze verhalen over Hem,
maar God zelf krijgen wij niet te zien. God blijft iets van een diep geheim houden.
We raken eraan, we ervaren het, maar telkens weer onttrekt het zich aan ons begrijpen. Al onze woorden schieten tekort, halen het net niet.
Dat ergert veel mensen, vooral in onze tijd, waarin alleen wat rationeel beredeneert kan worden ook waarheidskarakter krijgt toegedicht. Alsof er buiten de ratio om niet de waarheid is die verwondering en liefde, intuïtie en ervaring oproept.
Maar eerst laat ik Gabriel uitpraten, daar heeft een engel recht op. Daarom zal het kind dat geboren wordt heilig heten. Weet u wat heilig betekent?
Ons taalgebruik spreekt over “een heilig boontje” en over Heiligen als Franciscus van Assisi. Bij ons heeft het altijd een morele betekenis.
Maar in de Bijbel betekent heilig: wat bij God hoort. De hogepriester is heilig als hij de goddelijke liturgie uitoefent. De tempel is heilig als woonplaats van God.
Heilig: wat bij God hoort, wat apart gezet is voor God en zijn dienst. Zo zal het kind dat geboren wordt zijn: apart gezet voor de dienst aan God.
Alle woorden die de engel gebruikt zijn begrippen uit het OT., woorden die wij kunnen duiden. Het vindt alles zijn hoogtepunt in: dit kind zal Zoon van God genoemd worden. Horen wij daarin niet iets nieuws, overstijgt dat het OT niet?
Is dit niet iets ontzettends groots, dat ons volkomen overrompeld?

Jezus, zeker, hij is net als wij geboren uit een moeder, mens onder de mensen, niet verschillend van ons. Hij heeft ook honger gekend en koude, verdriet en pijn en vreugde. Maar tegelijk is er met Hem iets unieks aan de hand.
Iets dat je van niemand anders kunt zeggen, zelfs niet van de Doper, die vorige week aan bod kwam. Ook in zijn geboorte aankondiging was sprake van de Heilige Geest.
Vanaf  zijn conceptie was hij vervuld van de Heilige Geest.
Maar Jezus is ontvangen uit de Heilige Geest. Zoon van God, zoon van de Allerhoogste. Mens als wij, komt hij tegelijk van boven, van God.
Mens als wij, komt hij niet uit de aarde voort, uit onze natuurlijke driften, uit de daad van een man. Van boven is Hij, van God. Alleen wie dat meeweegt, zal Jezus gaan begrijpen. Niet van hier, bij ons vandaan, maar uit de wereld van God.
Niet uit de kracht van een man,  maar door de kracht van de Allerhoogste.
Oude belijdenissen hebben dat prachtig verwoord:  Jezus, geboren uit de Vader, voor alle eeuwen,  geboren, niet gemaakt, God uit God, Licht uit Licht,  waarachtig God uit waarachtig God,  van hetzelfde wezen met de Vader.
Maar hoe mooi ook, het is geschreven in taal en begrippen die ik niet meer echt begrijp. Ik herlees wat Gabriel zei en hoe ik het verwoorde. Heb ik het nu begrepen? Nee, eerlijk gezegd niet. Het blijft een diep geheim. Maar is dat erg?
Ontvangen uit de Heilige Geest lijkt geen verklaring, het is eerder een geloofsuitspraak, waarin de kerk belijdt dat Jezus oorsprong bij God vandaan is.
Ik geloof dat in dit kind, Jezus van Nazareth, een mens als wij, ik met een diep,
nauwelijks te verwoorden geheim geconfronteerd wordt.
In deze mens en in Hem alleen, ontmoet ik God zelf. In deze mens, in zijn woorden, daden en dood, herken ik God. Anders kan ik niet meer naar Jezus kijken: in Hem raakt God zelf aan mijn leven. Als ik Jezus zie, kijk ik God zelf in het gelaat.

Gabriel is nu wel voldoende aan het woord geweest, het wordt tijd te kijken naar de reactie van dat meisje Maria. Begrijpt zij het misschien allemaal beter dan ik?
Gelooft, vertrouwt zij de engel of heeft ook zij nog haar vragen en bedenkingen?
Maria zei: de Heer wil ik dienen, laat gebeuren wat u gezegd hebt. Juist vanwege deze reactie van Maria vind ik dit een ontroerend verhaal. Wat een vroomheid, wat een vertrouwen. Natuurlijk wist zij dat het lastige vragen zou oproepen: zwanger?
Vragen bij Jozef, bij haar en zijn familie. Het praten achter haar rug van dorpsgenoten. In ons land horen wij in Turkse kringen nog wel over eerwraak.
Ook in Nazareth zal de reactie niet vriendelijk geweest zijn. Maria stelt zich in de dienst van de Heer. Haar gaat het niet in de 1e plaats om begrijpen,  maar om vertrouwen. Zij vertrouwt op de Heer en daarom is het waar. Niet andersom.
Maria is niet alleen vroom, maar ook moedig, wat een grootsheid.
Het Protestantisme heeft Maria nauwelijks een rol in haar religieuze beleving toegekend. Dat heeft zeker te maken met de misstanden die uit de Maria verering van de Middeleeuwen voortvloeiden. Maar m.i. heeft het ook te maken met de nadruk op het verstandelijke van het Calvinisme. Binnen deze geloofsvorm was maar weinig plaats voor emotionaliteit. Ik voel veel voor de RK eerbied voor Maria.
Zij was de moeder van de Heer, de Zoon van God. Dat is niet niets. Geen moeder kan dat haar nazeggen. Het geeft Maria een unieke plaats en haar oprechte: de Heer wil ik dienen, maakt haar als gelovige tot voorbeeld voor ons.
Vaak ben ik wat jaloers op haar en denk: kon ik dat Maria maar in alle oprechtheid nazeggen. Konden wij dat samen maar, als gemeente. Een volmondig: de Heer willen wij dienen. Natuurlijk geloven wij, maar wees eens eerlijk, ligt er in onze manier van geloven niet grote nadruk op: moge de Heer er voor mij zijn met hulp, nabijheid en vrede. Maria zegt: ik zal er voor de Heer zijn. Dat is pas echt geloof: jezelf in dienst van de Heer stellen. Mogen wij samen, u en ik, dat van Maria leren.

 
spacer.png, 0 kB