spacer.png, 0 kB
Home arrow Kerkdiensten arrow Preken arrow Laat uw wil gedaan worden... (door ds. G.J. de Bruin)
Laat uw wil gedaan worden... (door ds. G.J. de Bruin) PDF Afdrukken E-mail
(gelezen: Mattheüs 7: 21-27; Deuteronomium 30: 11-14; 19-20)

Wat bid je eigenlijk als je zegt: laat uw wil gedaan worden... Voor je het weet heb je die paar woorden uitgesproken, maar als je er nog eens over nadenkt, kan je door verlegenheid overvallen worden. Uw wil gedaan... dat levert al snel gefronste wenkbrauwen op. Als we er nu over zouden gaan spreken met elkaar, weet ik al hoe het terugkerend refrein tijdens het gesprek luidt: Gods wil, wat is dat moeilijk. Want het is wel zoeken geblazen naar Gods wil. Hoe komen we daar eigenlijk achter? De conclusie is snel getrokken: het is geen sinecure om Gods wil te verstaan op allerlei knooppunten in ons leven.

 

De klank van de bede heeft aanleiding gegeven tot veel berusting. Je vindt daar nog sporen van in allerlei zegswijzen: de mens wikt maar God beschikt. Gods wegen zijn ondoorgrondelijk. Iemand raakt in ellende verzeild en meent het hoofd te moeten buigen. Op grond van die gebedwoorden zoals we ze vroeger zeiden : 'Uw wil geschiede'. En er wordt gemompeld: ik moet het maar aanvaarden. Alsof wat er in een mensenleven gebeurt, samenvalt met Gods wil. Rampspoed - het verstand staat erbij stil, maar het zal wel ergens goed voor zijn. Het zal wel ergens goed voor zijn...  Hebben we de profeten van het oude volk dat ooit horen zeggen? Hebben we dat Jezus ooit horen zeggen? Het zal wel ergens goed voor zijn, die uitspraak zou in Jezus' mond rammelen als een slecht passend kunstgebit. Het heeft er alle schijn van dat de bede 'uw wil geschiede' dan veranderd is in: 'uw gril geschiede'.

 

Terwijl ik 'laat uw wil gedaan worden' kan horen als een onrustige bede, als een woord van verzet. Niets geen onderwerping of berusting. Moge uw wil, o God, zich baanbreken in onze wereld die nog zo ver verwijderd is van wat U met onze wereld voorheeft. Al het kwaad en vuil en menselijk tekort moet nog worden weggebezemd, heel de wereld schoongespoeld. Maar over wat er vandaag allemaal gebeurt in de wereld, over wat we zien en horen - en horen en zien vergaan ons regelmatig - zal niemand toch zeggen dat dát de wil van God is. Wat we nogal eens zien is de wil, de eigenmachtigheid van mensen. Voor ons gevoel lijkt Gods wil vaak schuil te gaan achter een ondoordringbaar wolkendek. Gods heerschappij is nog zo ver weg. Dan valt het nog niet mee om te vragen, te zoeken naar Gods wil.

 

Zou het vroeger anders zijn geweest? Er was, denk ik, minder verlegenheid. De kerk wist meer, wist beter dan vandaag wat Gods wil was. Iets daarvan vind je vandaag nog terug in bepaalde kerkelijke uitspraken. De bisschoppen komen van tijd tot tijd met uitspraken over de seksuele moraal. Opzienbarend vind ik de uitspraken de laatste jaren van de bisschop van Rome over condoomgebruik. Ze zijn in drie woorden samen te vatten: het mag niet. Hoe is het mogelijk?. Als je als mondiale kerk geconfronteerd wordt met de ellende van vele duizenden die besmet zijn met het HIV-virus, hoe durf je, hoe kun je dan zoiets zeggen. Blijkbaar weten de bisschoppen wat mag en niet mag, vertel hen niks over Gods wil, die is hen heel vertrouwd. Is het gek dat de meeste gelovigen zich niet zo veel aantrekken van bisschoppelijke oekazes? Maar bisschoppen hebben geen monopolie op morele kennis en dat geldt uiteraard ook voor een protestantse synode

.

Als we nog eens teruggaan in de tijd, dan zien we hoe tijdgebonden de kerkelijke moraal in allerlei zaken was. Dat ontdek je aan wat er werd gezegd over de man-vrouw verhouding, over het rollenpatroon, over de vrijetijdsbesteding. Dansen gaf geen pas; op mijn eerste werkplek heb ik nog verhalen gehoord wat een deining het gaf, toen er op een gegeven ogenblik dansavonden georganiseerd werden. Het dorp was in last. Sommige ouderen zullen zich wellicht nog herinneren dat het vroeger ongepast was om naar een film te gaan. Om over ongehuwd samenwonen maar niet te spreken.

 

Ik zeg dit niet om over zo'n stukje geschiedenis schamper te doen. Maar om duidelijk te maken dat wat onze grootouders voor Gods wil hielden, een jas is die ons vaak niet meer past. Dat besef noopt tot bescheidenheid vandaag. Er is voor ons trouwens weinig aanleiding om onze morele inzichten van de daken te schreeuwen. En we hebben het daarstraks gehoord: niet de 'Heer Heer zeggers' worden door Jezus gefeliciteerd. Niet de mensen die denken in zijn naam te hebben geprofeteerd, worden zalig geprezen. Je zit op de verkeerde weg als je denkt: als ik nu maar veel vrome dingen zeg, als ik nu maar vaak de naam van Jezus en God noem, dan is het wel goed. Dat herinnert me aan een juf op een basisschool. Die was zo allemachtig vroom, de kinderen in de klas kregen er gewoon de hik van. Rekenen, taal, aardrijkskunde, tekenen, steeds sleepte de juf het geloof erbij. 't Was zelfs zo erg dat toen ze vlak voor kerst tijdens de biologieles vroeg: “het is bruin, heeft een grote staart, springt van boom tot boom en het eet nootjes”, een kind z'n vinger opstak en antwoordde: “je zou denken aan een eekhoorntje, maar het zal wel het kindje Jezus zijn.”

 

Nee, niet ieder die 'Heer, Heer' zegt zal het Koninkrijk binnengaan. Ik hoor daar een aansporing in om zuinig te zijn met woorden. Geen grote woorden als het gaat om het aanwijzen van Gods wil. Het is eerder een oproep om bescheiden te zijn. Wat een onheil is er, de eeuwen door, aangericht bij het spreken over Gods wil. Oorlogen, kruistochten - ze werden uitgegeven voor zijn wil. Dit alles maakt duidelijk dat Gods wil niet rechtstreeks uit de hemel komt, maar een omweg maakt via mensen. Mensen die feilbaar zijn, die zich kunnen vergissen. Precies de mensen die wij zijn. Wat zal er over vijfentwintig of vijftig jaar over ons gezegd worden? Onze jas zal volgende generaties wel niet passen. Zij zullen onze kortzichtige keuzes en blinde vlekken ontdekken.

 

Dat we feilbare mensen zijn, wil niet zeggen dat we maar beter met de handen in onze schoot moeten blijven zitten. De boom wordt gekend aan de vruchten. Je hebt mijn woorden pas gehoord als je ze doet, benadrukt Jezus. Thy will be done, zeggen de Engelsen, als ze de bede op de lippen nemen. Uw wil worde niet ondergaan maar gedaan. Dat is de winst van de Nieuwe Bijbelvertaling, nu er vertaald is: laat uw wil gedaan worden. Maar daarvoor is beraad broodnodig: wat staat ons te doen? God wil wat goed is, maar wat is dan goed? Soms is dat zonneklaar maar een andere keer zit je met je handen in je haar. Zonder moreel beraad in een gemeente kunnen we niet. Je hoeft niet in je eentje te gaan zoeken naar wat goed is. Het gaat immers om woord en weerwoord, om stem en tegenstem? Samen kom je toch verder? Achtereenvolgende synodes hebben bij allerlei moeilijke ethische vragen de laatste jaren steeds meer gekozen voor de weg van het beraad. Niet meer: 'zo is het' maar laten we er met elkaar over spreken.

 

Dat gold bijvoorbeeld voor de vragen rond euthanasie. Gelukkig maar want aan een synodaal stoplicht zouden we niks hebben. Dan staat het licht op rood of op groen. En hoeven we zelf niets meer te doen. Maar het gaat om onze gemeenschappelijke zoektocht bij de dilemma's, waar we ons voor geplaatst zien, als we nadenken over de vragen rondom het levenseinde. Samen zoeken naar de wil van God voor ons leven. Gemakkelijke antwoorden zijn er niet. De bijbel is geen boek waar je al bladerend snelle oplossingen vindt voor lastige keuzes en dilemma's.

 

Hoe vaak moet ik bij mijn schoonmoeder op bezoek - je krijgt in het bijbels Verhaal geen direct antwoord. Wat moet je, als je die nieuwe baan ambieert, maar je weet dat het ten koste zal gaan van de tijd voor je huisgenoten? Wat moet je als het leven met je partner op dood spoor lijkt te zijn gekomen? Wat zeg je als ze je in het ziekenhuis de zoveelste behandeling aanbieden terwijl je eigenlijk vindt dat het wel genoeg is? Het leven kan onmogelijk ingewikkeld zijn. Kies dan het leven... Maar wat is in deze situatie het leven?

 

Niet dat het altijd zo ingewikkeld is. Soms weten we heel goed wat we moeten doen. Die ander die nú een beroep op mij doet. Ik mag me niet afzijdig houden. Maar het komt me niet goed uit. Ja, dan kan het handig zijn om het eenvoudige ingewikkeld te maken. Dan doe ik of de geboden in de hemel zijn, buiten mijn bereik. Dan heb ik opeens allerlei vragen. Dietrich Bonhoeffer merkte eens bits op: “blijf maar vragen, dan hoef je nog geen gehoor te geven.”

 

'Laat uw wil gedaan worden'. Woorden die Jezus zijn vrienden leert bidden. Temidden van alle vragen die ze hebben, zoeken ze naar een begaanbare weg. Samen met Jezus, die door hen uiteindelijk wordt beschouwd als de verpersoonlijking van Gods wil. Niet dat zijn leerlingen hem vanaf het eerste begin zo zien. Daarom is de uitnodiging van Jezus ook zo belangrijk: vrienden, hoe je de wil van God leert kennen? Kom achter me aan. Deel in mijn leven. Loop maar met mij op... Zo gaat dat toch, tot op vandaag. Met elkaar oplopen. Wat die ander graag wil, wat die ander nodig heeft, dat leer je toch gaandeweg? Dat is toch een heel proces? 

 

'Laat uw wil gedaan worden': naar mijn besef is dat ten diepste een bede waarbij je jezelf beschikbaar stelt. Dat op aarde zal gaan geschieden wat in de hemel, bij de Eeuwige al geschiedt. Je roept ten hemel: Eeuwige, ik probeer te leven met aandacht voor u, met mijn oor op de Schriften, met oog voor de schat van de traditie, met openheid voor wie mij vergezellen. Maar u hebt het ons niet gemakkelijk gemaakt. Uw wil, dat is voortdurend vragen, zoeken en tasten. Maar er is geen andere weg.

 

Op die weg kunnen we voor elkaar bidden wat Paulus heeft gebeden voor de gemeente in Filippi: ik bid dat uw liefde blijft groeien door inzicht en fijnzinnigheid, zodat u kunt onderscheiden waar het op aankomt (Filippenzen 1:9). Om die liefde gaat het uiteindelijk. Liefde niet als afschaffing van de geboden maar als diepste vervulling. De Levende die op ons wacht, ons zegt: en toch is het te volbrengen, mens, er is jou gezegd wat goed is, kies voor het leven. Gezegend de Levende, gezegend de mensen die wij zijn om wat wij mogen doen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
spacer.png, 0 kB